Deel 10

Deel 10

Zondag 17 september 1944 deel 10

De eerste Duitsers kwamen ca. 16:00 uur met zijspan bij het kasteel. Zij werden krijgsgevangen gemaakt. Even later kwam nog een auto, de Duitsers die daarin zaten, werden doodgeschoten. Toen kwam een Rode Kruiswagen met vier Duitsers erin, die tot stilstand werd gedwongen. De Duitsers moesten de wagen leeg maken en de spullen op de weg gooien, er waren ook wapens bij. Nadat de eerste twee gewonden in de Rode Kruis wagen waren gelegd om naar Veghel te vervoeren, kwamen de Duitsers vanaf de Aa opzetten. Na een half uur werd de eerste Amerikaan doodgeschoten die in een greppel langs de grote weg lag.

Rond 17:00 uur begonnen enkele Duitse soldaten achter het kasteel te schieten. Twee witheren van de Abdij werden gevangen genomen door de Duitsers bij het zoeken van witte parachutes en na fouilleringen veel angstzweet losgelaten met de boodschap; "We hebben het gedoe van de mensen en jullie met de Amerikanen goed gezien”. Bijna alle Amerikanen gingen weg, enkelen bleven bij het kasteel vanwege de Duitsers en de tien gewonden. Er werden mitrailleurs aangevoerd op twee Veghelse auto's die te keer gingen tegen nieuwe groepjes Duitsers, die gealarmeerd uit Den Bosch kwamen.

Even buiten Heeswijk werd de auto hevig onder vuur genomen en zo begon het treffen van twee grote machten hier in de omgeving. Drie Duitsers werden krijgsgevangen gemaakt, ook twee Duitse motoren en een Duitse Rode Kruis auto werden veroverd. Het kasteel was spoedig Duits, de gewonden werden gevangen genomen. Enkele doden lagen langs de weg. Clemens v.d. Berg bracht met groot gevaar lichamelijke en geestelijke hulp.

Bij de Heeswijkse kerk zat een parachutist met een telefoon. Hij was rustig aan het eten en veel inwoners stonden er omheen. Om 18:00 uur waren de Vespers in de Abdij. De Duitsers drongen op en de Amerikanen gingen langzaam terug op de corridor. Martien Heerkens uit Dinther was op dezelfde tijd, met iemand die de Amerikanen tamelijk goed verstond, naar het kasteel gegaan. Maar zij durfden niet dichtbij te komen daar er nog steeds geschoten werd. Na even gepraat te hebben met de Amerikanen werd het hun duidelijk dat ze niet voldoende munitie meer hadden. In een weiland nabij het kasteel lag nog veel. 'n Zekere Piet die het wist te liggen zou meegaan.

Martien Heerkens verhaalde deze tocht als volgt: "Jo, Jan en ik, we moesten eerst over akkerland. Midden op de akker gekomen, kregen de moffen ons zeker in de gaten, want een salvo vanuit het kasteel volgde; wij plat neer, gelukkig niemand gewond. Het werd weer stil. Piet, die al eens tussen het vuur gezeten had, had er schijnbaar genoeg van. Hij wees ons de plaats aan waar de munitie moest liggen en ging terug. Wij stonden weer op en in gebukte houding ging het verder. Precies bij een greppel tussen twee akkers weer een salvo uit de richting van het kasteel; wij plat in de greppel. Wij hadden zo een poosje gelegen, zo plat mogelijk in de greppel gedrukt. Daar het vuren steeds heviger was geworden, nu van beide zijden, besloten wij om terug te keren. Dit was vlugger gezegd dan gedaan. Wij lagen gekeerd naar de velden en wij konden vanwege het vuur niet omkeren of overeind komen dus moesten wij terug uit kruipen wat niet mee viel en langzaam vorderde. Bovendien begon het intussen te schemeren. Voor ons de Moffen en achter ons de Amerikanen. Deze moesten over ons heen schieten en beduiden ons telkens dat wij moesten blijven liggen. lk had een haag bereikt en gooide me ineens om, zodat ik met mijn hoofd naar de weg kwam te liggen. Nu vorderde het beter. Het was intussen donker geworden zodat men alleen nog schaduwen zag en we niet konden zien of wij vriend of vijand voor ons hadden.

Plotseling ging de boerderij van Chr. v.d. Pas in vlammen op en de Amerikanen zetten het op een lopen. lk schrok en dacht dat de Moffen oprukten en dacht, nu of nooit, sprong en vluchtte met de Amerikanen mee in diep gebukte houding. De kogels spatten vlakbij in het zand.